Een beetje reizen
Vandaag heb ik de wederhelft overtuigd om nog eens het openbaar vervoer te proberen. In London nemen we altijd het openbaar vervoer, waarom hier niet? Een retorische vraag die ik na ons débacle plots beantwoord kreeg.
We wilden nog eens naar het centrum en het leek geen slecht idee om daarheen te wandelen (wij wonen zowat in de buurt van de Churchilllaan) en terug te keren met het openbaar vervoer. De wandeling nam een goed 1h20m in beslag, een klein beetje lèche vitrine en bezoekje aan de flappentap inbegrepen.
Onze reis terug met de MIVB duurde 1h15m, een volle 5 minuten sneller. Minder fysiek vermoeiend maar met behoorlijk wat ergernis (ook vermoeiend). Het traject van De Brouckère naar Montgomery viel mee. De metro reed regelmatig, we konden ook mooi volgen wanneer we de volgende metro mochten verwachten. Dan komen we in Montgomery waar we, driewerf hoera(!), kunnen kiezen uit 2 van de 3 trams richting Churchilllaan (de 23 en 24). Na een goede 10 minuten wachten komt de eerste tram, uiteraard net dìe tram die we niet nodig hadden. Een elektronisch bord wees ons erop dat we àlle informatie die we nodig hadden konden vinden op www.mivb.be (dit is géén link, en die verdìenen ze na vandaag van mij zelfs niet). Zeer goed voor alle mensen met een PDA en de nodige connecties, helaas hebben wij geen zo’n ding bij. Voor de 23 was er uiteindelijk een reisschema met vertrektijden, maar voor de 24 ontbraken die gegevens voor zondag. Nu ja, blijkbaar is er één onzichtbare 23 voorbijgekomen en hebben we uiteindelijk volgende, zichtbare maar genomen.
Nu ja, eerlijk gezegd, in London heb ik ook al een keer langer moeten wachten dan me zinde… maar het werd me wel door de speakers aangekondigd.
Soms zijn er zo van die kleine dingen waar een mens zich ergert, en indien dat met recht en reden gebeurt zìe je je omstaanders zich ook ergeren. Zo ook hier aan het kruispunt van de De Frélaan en de Waterloosesteenweg, vooral dan tijdens de ochtendspits. De lichten hebben drie fasen. Eén (groene pijl op kaartje) voor de mensen die Ter Kameren uit rijden, één (blauwe lijn) voor de mensen van de Waterloose en één fase (rood) voor de mensen die uit de De Frélaan komen.


‘k Ben niet iemand die zich vaak ergert. Zeker niet in een wereldstad als Brussel, waarvan ik vind dat (bijna) alles moet kunnen en mogen. Als je beslist om in een straat met een druk nachtleven een appartement te huren, dan moet je niet “emmeren” over geluidsoverlast. Als je, zoals ikzelf, vlakbij het Sint-Katelijne plein woont, moet je niet boos zijn op Johan Verminnen die mijn zaterdag volzingt, of op een autoloze zondag, waarbij er mensen over straat fietsen die ik nooit eerder in de stad zag.
