Kostuumateliers met sans-papiers
Op zaterdag 21 mei dendert de Zinneke Parade weer vrolijk door de straten van het Brusselse stadscentrum. Het bonte allegaartje van artiesten, activisten, sympathisanten en figuranten hijst zich die dag in de meest opzichtige kostuums. Maar door wie worden die kostuums eigenlijk gemaakt? Blogger Hans Moyson ging op onderzoek uit.

De tweejaarlijkse parade vormt het orgelpunt van een breder stadsproject, Zinneke genaamd. Met dat project schept de stad ruimte voor ontmoeting, samenwerking en creativiteit. Zo wil men de artistieke en sociale dynamiek versterken tussen kunstenaars, inwoners, scholen en verenigingen uit de stad en ver daarbuiten.
Terwijl de parade geldt als apotheose, ligt het zwaartepunt van het Zinnekeproject eigenlijk in de ateliers. Maandenlang verzamelt men daar om te overleggen en te werken, soms meermaals per week. Het is in de ateliers dat bruggen worden gebouwd, ideeën uitgewerkt en solidariteitsacties op touw gezet.
De verschillende deelnemers verenigen zich in diverse groepen die elk een aparte naam en werking hebben, zinnodes. Binnen de zinnodes, die alle bestaan uit een artistieke ploeg en tientallen stadsbewoners, worden de taken netjes verdeeld. Iedere zinnode beschikt over ateliers voor muziek, dans, kostuums en eventueel voertuigbouw.
De zinnodes worden doorgaans ondersteund door sociaal-culturele verenigingen en organisaties zoals gemeenschapscentrum De Markten, dat mee zijn schouders zet onder zinnode ‘Pas de deux’. De Markten organiseert het dansatelier en stelt daarvoor zijn ruimten ter beschikking. Naast een dansatelier beschikt zinnode Pas de deux ook over een muziek- en een kostuumatelier.


