I’m not a fuckin’ tourist

Er is al een tijdje commotie over de vermeende saaiheid van Brussel voor toeristen. Volgens één of ander reisbureau, dat blijkbaar naast citytrips ook enquêtes organiseert, vinden haar klanten Brussel maar zo-zo als bestemming. Provincialen uit Antwerpen en Gent sprongen graag mee op de kar en verklaarden zichzelf terstond wél interessant. En Brussel-fans vonden het dan weer nodig om te reageren en pakten uit met de troeven van de hoofdstad.
Er is een soort dogma dat verkondigt dat toeristen goed zijn voor een stad en iedereen gelooft dat. Toeristen zouden nodig zijn voor de economie. Onzin is dat. Dure restaurants met slappe maaltijden, die profiteren ervan. Grote hotelketens ook, en hebberige marchanten die doen in souvenirs en wansmaak. En verder? Ik denk niet dat de patron van mijn stamcafé echt geniet van het half uurtje dronken Britten dat hij elke vrijdagavond over de vloer krijgt. Ik ook niet trouwens.
Hoge prijzen en een lelijk straatbeeld, dat krijg je met toeristen. Een koffie op een terrasje wordt duurder, de straat wordt drukker, de duiven worden vetter. Iemand moet mij eens uitleggen hoe dat goed is voor een stad of voor haar inwoners.
En dus ben ik, als Brussel-fan, zeer verheugd als overal breed wordt uitgesmeerd dat het een saaie stad is. Hoe saaier ze ons vinden, hoe beter. Toeristen mogen gerust wegblijven. Of naar Antwerpen en Gent gaan, daar mogen de duiven gerust wat dikker staan.

een artikel van De Gebroeders Plasky

durum

Hij is schuin tegenover mij komen zitten met dat dampende zakje. Het is niet doorschijnend maar toch weet ik wat erin zit. Ik was al Pavloviaans aan het likkebaarden door de frituurlucht toen we nog stonden te wachten aan de geïmproviseerde tramhalte. Ik wend mijn begerige blik af. Tracht hem te negeren en diep een leesboek op uit mijn tas en probeer mij te concentreren. Uit mijn ooghoeken kan ik natuurlijk wel zien hoe hij een koolhydratenfestijn van frietjes en durum naar binnenspeelt. Schrokt. Grote happen wegkauwt met open mond. Ik kijk niet op uit mijn boek, tenzij de andere kant op, om de voortgang van de tram in de gaten te houden. Als we de hoek omdraaien waar ik eruit moet, grijpt hij plots mijn arm vast en roept: “Doet u dat altijd, mevrouw? Vindt u dat normaal????” In zijn mondhoeken hangt looksaus en ook een klein beetje in zijn haar. “Voelt u zich beter dan ons misschien?” Ik sta perplex en zoek verbouwereerd naar steun bij mijn medereizigers. Een mevrouw tikt met haar wijsvinger tegen haar slaap, dat universele teken. De deuren van de tram zijn al open en ik ruk mijn arm los uit zijn vettige hand. Hij roept me nog woest iets na, maar ik kan het niet meer horen omdat de tram al verder rijdt.
Mijn maag krimpt ineen van de honger.

Taal

een vrouw met een sluier en een vrouw met een snor zitten tegenover elkaar op de 48. die eerste noemen we met een modern woord een moslima, die tweede een genderbender. de gesluierde vrouw geeft haar ogen de kost en tegelijkertijd uitgebreid commentaar op de vreemde aanblik voor haar. snorrevrouws vraagt haar brutaal in het nederlands of er iets te zien valt misschien. De vrouw met de hoofddoek antwoordt, ‘ja, je hebt een snor’ in het arabisch. haar man naast haar probeert haar ondertussen sussend tot stilte aan te manen maar ze ratelt verder.de twee dames sputteren ongeneerd voort, de ene in het nederlands, de andere in het arabisch. ik versta de beide kanten en toch weiger ik het te begrijpen. zelfs als zou ik me hier als vertaler opwerpen, het heeft weinig zin, want hier wordt niet dezelfde taal gesproken. communicatie vereist naast woorden vooral een open geest.

reus

De kolossale man naast mij leunt tegen mij aan. Ik begin wat ongemakkelijk te wrikkelen maar hij wil van geen wijken weten. Zijn dikke dijen duwen tegen de mijne. Ik kantel mezelf zoveel mogelijk naar de andere kant tot ik met al mijn gewicht op één bil zit. Hij blijft even wijdbeens zitten. Ik kan ruiken hoe onfris hij is en adem dan maar door mijn mond, tracht mij op iets anders te concentreren. Tevergeefs. Ik sta enkele haltes voor mijn stop zuchtend op. Dan liever rechtstaan. Net als ik me omdraai om hem een van mijn ‘viezerikblikken’ toe te werpen, zie ik dat zijn ogen bloeddoorlopen zijn en twee verschillende kanten op kijken. En dat de oude vrouw naast hem, zijn moeder neem ik aan, zorgvuldig zijn veters strikt. En dan zijn muts wat beter over zijn hoofd trekt.

Diva

Haar duffe outfit is slechts schijn. Er is weinig verbeelding nodig om de diva te zien. Vuurrode lippen, enorme wimpers, het haar strak achteruit opgestoken, ik verzin er de flamencojurk vlotjes bij. Een Almodovarfilm die nog niet is gemaakt. Dit moet ooit een bloedmooie allumeuse geweest zijn en natuurlijk draagt ze geen trouwring. Mijn blik valt op haar witte steunkousen en als ik haar terug aankijk, trekt ze een wenkbrauw op en vertelt me zonder woorden dat ze nog lang geen vergane glorie is. Ze staat moeizaam op en stapt dan kaarsrecht uit de tram, het podium op…

Meiserplein

B.V.L.G. schreef volgend pareltje op zijn blog, en we kregen toestemming om het hier met U te delen via cross-post (zo heet dat ding!).
Jean-Baptiste Meiser, luitenant generaal in het Belgisch leger en één van de burgemeesters van de gemeente Schaarbeek, heeft zijn naam gegeven aan een bekende rotonde in het Brusselse, het Meiserplein. Dit is misschien wel de meest beruchte rotonde want ze is ook gekend als “Place Misère”. Deze rotonde is gelegen aan de R21, beter bekend als de Auguste Reyerslaan en Generaal Wahielaan, en aan de Leuvensesteenweg, de Ernest Cambierlaan, de Rogierlaan en de Eugène Plaskylaan. Vlakbij bevindt zich het einde van de E40 (voor wie uit de richting van Leuven komt). Deze E40 autosnelweg is de favoriete invalsweg van een heleboel pendelaars op weg naar hun werkplaats in het Brusselse. Deze pendelaars worden dagelijks geconfronteerd met de opstoppingen op en rond het Meiserplein. Nu de verkeersdrukte door de start van het schooljaar weer aanzienlijk toegenomen is wil ik hierbij de weggebruikers die regelmatig het Meiserplein kruisen enkele praktische tips bezorgen.


Ik zal starten met een goed bewaard geheim te verklappen. Op het Meiserplein is de verkeerswetgeving niet meer van toepassing, meer specifiek de bepalingen over verkeerslichten en voorrangsregelingen.

Waar een oranje licht normaal gezien inhoudt dat je moet stoppen, geldt dit niet aan de verkeerslichten op ter hoogte van de kruising van de R21 met de Leuvensesteenweg. Zelfs als het eventjes rood is, mag u gerust uw traject verderzetten. Gelieve wel op te passen de agenten die occassioneel het verkeer regelen op dit kruispunt niet omver te rijden. Dit zal nog steeds als een overtreding beschouwd worden.

Continue reading

Jong acteertalent (7-11 jaar) gezocht voor hoofdrol in kortfilm!

Altijd al willen schitteren op het witte doek?
Dan is dit misschien iets voor jou!
Voor de hoofdrol in mijn volgende kortfilm ben ik op zoek naar een meisje tussen 7 en 11 jaar om hierin de hoofdrol te spelen!
Voornamelijk ben ik op zoek naar meisjes die tweetalig zijn of een woordje Frans kunnen praten. Ervaring is een pluspunt maar niet noodzakelijk!
De opnames gaan door eind maart/begin april, de film gaat in première in de Bioscoop te Gent in juni 2007 en zal deelnemen aan verschillende filmfestivals!
Geïnteresseerden kunnen zich best zo snel mogelijk aanmelden door een mailtje te sturen (met wat info over jezelf, motivatie en een fotootje) naar nathnath _at _ belgacom _dot_ net of nathalie _dot_ teirlinck _at_ hotmail _dot_com.
Ik stuur dan zo snel mogelijk een mailtje terug met een uitnodiging voor een auditie en alle verdere info over de kortfilm!
Meer informatie over mezelf (portfolio, behaalde prijzen,…) kunnen jullie vinden op users.creativeskills.be/nathalieteirlinck
Hopelijk tot gauw!
Nathalie Teirlinck
2e MG Filmregie KASK Gent

Portret van een Sint-Joostenaar pur sang!

Woensdagavond in Sint-Joost. Het is donker, mistig en koud. We hebben afgesproken in het het gemeenschapscentrum ‘Ten Noey’. We worden begroet door een opmerkelijk figuur: een kleine, gezette man met een frappant gezicht. Jos Laporte. Hij vormt op zich de heemkundige kring van Sint-Joost en leidt sinds jaar en dag met strakke hand het gemeenschapscentrum. Voer genoeg voor een portret.
Jos Laporte werd in 1949 geboren in de Spoormakersstraat te Brussel. Zijn moeder, afkomstig uit Herk-de-Stad, vluchtte in ’45 samen met haar broer voor haar tirannieke vader. In Sint-Joost ontmoette ze vader Laporte en samen begonnen ze een crèmerie, een zuivelhandel. Tegen de tijd dat Jos geboren werd was de winkel aan het uitgroeien tot een volwaardige voedingswinkel. De kleine Laporte had andere ambities en de winkel werd uiteindelijk overgenomen door enkele Turken.

Continue reading

Reportage uit Matonge

In de voetsporen van Ependa Diogène, straathoekwerker in Matongé.
Ependa Diogène, gemeenschapswerker, in de volksmond beter bekend als straathoekwerker, bij Comité Cartier, de preventiedienst van Elsene. Deze gemeenschapswerkers werken op straat en verkennen het terrein om zo een beter beeld te krijgen van het reilen en zeilen in de wijk. Ze zetten zich ook in om de relatie tussen jongeren, bewoners en handelaars in de wijk te verbeteren. Wij wilden wel eens weten wat staathoekwerker zijn nu precies betekent. Een dag uit het leven van….

Continue reading

Madoutoren gaat Europees … en gemeente blijft verweesd achter.

“Een goede zaak voor de gemeente is het niet, neen…â€? zegt Jean-Louis De Nies, chef van Financiën en Taks van de gemeente Sint-Joost-Ten-Node. Na de lange verbouwingswerken en aanslepende leegstand heeft de Madoutoren in Sint-Joost een nieuwe eigenaar gevonden. Het Amerikaanse Jones Lang LaSalle verkocht in opdracht van het Duitse IVG dit imposant kantoorgebouw aan de Europese Commissie. Deze wil er vanaf april 2006 de directies ‘Pers’ en ‘Onderwijs en Cultuur’ in onderbrengen.
“Aangezien onze gemeente een hoge werkloosheidsgraad en daarom ook een grote armoede kent, kunnen we weinig persoonbelastingen heffen. Hierdoor is de belangrijkste bron van inkomsten de bedrijfsbelasting. Tot op heden zijn er veel bedrijven gevestigd in de Madoutoren, maar door de verhuis zien we de grote inkomsten uit de bedrijfsbelasting verdwijnen. Dit zorgt ervoor dat de gemeente in de toekomst minder kan uitgeven om te vermijden dat we een begrotingstekort zullen kennen.â€? gaat hij voort.
Gehoopt wordt dat de ambtenaren een financiële injectie in de gemeente teweeg zullen brengen door het steunen van de middenstand. Als ze bij de plaatselijke eetgelegenheden lunchen kan de gemeente er alleen maar wel bij varen.

Continue reading

  • 1
  • 2