Behangpapier Brussel

Wallpaper coverWallpaper, brengt naast de bekende magazines die op geen enkele koffietafel mogen ontbreken, geregeld ook City Guides uit. Ditmaal is Brussel aan de beurt. De cityguides worden, in de stijl van de magazines, gevuld met tips over design, architectuur, reizen, kultuur, restaurants e.a.
Hoewel het doelpubliek al wel eens meer de toeristen van de Zavel en Waterloolaan durft te zijn, spreken deze gidsen over het algemeen ook de lokale trendsetters en -followers erg aan.
Als je wil weten wat er uiteindelijk wél en niet in deze gids is terechtgekomen, kan je vanaf vrijdag 4/12 19h langs in Sterling books. En als je niet graag je deur uitkomt, dan kan je altijd terecht op Amazon

Het Plein

Het kleine hondje lijkt op een bulldog die verpletterd raakte onder een rupstractor. Maar het doet me nog meer denken aan een dwergnijlpaardje, al twijfel ik meteen of deze soort op de Ark van Noah werd weerhouden.
Ik zit op het nieuwe Gerechtsplein onder de vlaggen. Ik vind het niet mis maar had liever wat meer groen gezien en een waterpartij, om het lawaai van de Lebeau wat te neutralizeren.
Maar wie ben ik ?
Ik ben geen architect of stedebouwkundige, verre van. Ik ben alleen maar een bewoner en gulzige gebruiker van deze stad.
Ik vind de nieuwe pleinen niet altijd geslaagd.
Internationale wedstrijden ? Allemaal goed en wel, maar soms denk ik, vraag aan honderd passanten die regelmatig een plek frequenteren : hoe zouden zij zo’n plein inrichten ?
Je hoeft dat uiteraard niet blindelings te volgen maar je zou al een eind verder komen moest er tenminste geluisterd worden.

Continue reading

Flagey 2005 – 2009

Flagey
Onlangs vond ik bovenstaand beeldje terug in mijn archieven, ik woonde toen nog op 300m van het plein. Kort erna verhuisden we, en behalve zeer uitzonderlijk kom ik er nog wel eens vluchtig langs.
Zò dacht men dus dat het Flageyplein er na de werken zou uitzien. Wat denk je? Is men er, naast de meer consequente schaduwen (wanneer de zon nog eens wil schijnen), in geslaagd om het doel te bereiken?

Kiekefretters

Ik word stilaan een echte kiekefretter.
Niet zozeer omdat ik mij de gewoontes en de natuur van een Brusselaar eigen maak, dat heb ik altijd al gehad, ook al woon ik hier nog maar acht jaar.
Het gaat eerder over kiekens fretten op café.
Verhalen die je als gebraden kiekens in de mond vliegen.
Ik zit aan de toog naast twee oudere heren in de Kafka. Ze waren verkeerd geland, eertijds huisde hier Lowie van ‘t Lieg Plafond, ze waren hier allang niet meer geweest.
Koreaanse veteranen met straffe verhalen, niet van ginderachter, maar uit de Brusselse rimboe.
Ze waren liever bij de spleetogen dan bij de bougnouls, daar hadden ze ook gevochten, bij de opstand van de Simba’s in ’65. Ze waren bij de landing in Kinshasa.
Dat waren niks meer of minder dan menseneters. Net de mensapen voorbij.

Continue reading

Dod

Twee winkelmeisjes houden een man overeind, hij is blijkbaar onwel.
De éne draagt hem onder de oksels, het andere meisje helpt hem zijn rechtervoet in de wijde broek te steken.
De man is allang niet meer onder de zonnebank geweest, zijn benen zijn kaarswit.
De meisjes giechelen : de paspop is vederlicht, in plaats van de broek staat de éne plots met het been van de man in de hand.
Het is drie uur in de namiddag op de Leuvensesteenweg. Er is een waas van leer en katoen en een licht geroezemoes welke door een veel te luide Radio Contact wordt overstemd.
Een moeder keurt de jeansbroeken voor zoonlief, een opgeschoten puber, die haar boven het hoofd is gegroeid.
Ze heeft zeker zeven pantalons en vijf pulls in beide armen, vermoedelijk is het haar enig kind.
Hij ondergaat het gedwee, hier durft hij buitenkomen met zijn moeder, hij past daarvoor in zijn omgeving.
Soms schudt hij van neen, de moeder port hem om het toch eens te proberen, hij doet het met een lichte weerzin.
Ze komen van ver naar de Leuvensesteenweg, ik herken het ruige Aalsters, het Zottegems en zelfs vanuit de Westhoek wordt hier in de rij gestaan.

Continue reading

Spetter pieter pater, lekker in het water

ducksLekker spetteren in het water. Of we dit, hier in Brussel, ooit in openlucht zullen kunnen doen is de grote vraag, maar met de winter voor de deur is de begeerte hiervoor momenteel ver zoek. Intussen kunnen zwemmers en ander watergedierte indoor wel elders in het Brusselse terecht. Het aanbod is vrij groot, al verschilt het ene zwembad wel met het andere. Van haast antieke monumenten zoals het stedelijk zwembad in Sint-Joost en Les Bains in de Marollen tot het subtropische zwemparadijs Océade in Laken.
Voor elk wat wils zou je denken, maar helaas vallen de kleinste Brusselaartjes een beetje uit de boot. Op één na, Sportcity te St-Pieters-Woluwe, is er in het Brussel gewest géén enkel zwembad die beschikt over een peuterbad waar ketjes tot 3 jaar heen kunnen.
Zo’n peuterbad lijkt iets banaals, maar het maakt wel degelijk een verschil. Doordat het water net iets warmer en beschut is van ander zwemgeweld vormt dit het ideale biotoop voor baby’s, peuters en hun ouders. Helaas niet omdat het hip is, maar eerder omdat er géén alternatieven zijn wijken de meeste van die Brusselse mama’s of papa’s uit naar de rand om daar hun kleinste de eerste watergewenning te geven. Tot de favorieten behoren het zwembad van Dilbeek en Zaventem…sommige ouders trekken zelfs naar Ninove met hun kroost. Fijn als je een auto hebt of als je het ziet zitten om met het openbaar vervoer ernaar toe te gaan, maar ik vermoed dat veel andere kleine Brusselaartjes meestal erg lang moeten wachten op hun eerste echte zwembadervaring. Jammer toch?
Klik hier voor meer info over de Brusselse zwembaden.

De Fin

De Fin lacht en schudt van neen : ik begrijp hem niet.
Finland is toch het land van de duizend meren, de immense toendra’s, de Venen en rendieren, dennen en sparren, oneindige zonsondergangen. Het moederland van Santa Claus.
Wat zoekt zo’n man dan met zijn gezin op een klein appartementje in de Zennewijk ?
Hij glimlacht als ik hem dit vraag.
Jazeker, hij is beroepshalve bewoner van deze stad, maar ook minnaar ervan.
Het is mooi in zijn land van herkomst, hij zal het niet ontkennen. Hij gaat soms nog wel eens terug : familiebezoek en kuieren in de bossen.
“Maar hier,” zegt hij, “is de fauna veel kleurrijker en boeiender.”
Ik bekijk hem verbaasd.
“Daar is het doodstil, hier is altijd leven.”
Ik wijs hem op de weidse natuur, de oerkrachten, het echte leven, het spel van de seizoenen.

Continue reading

Jong Volk Eerst

Gehoord in Delhaize aan de Anspach, op zaterdagnamiddag.
Twee jongemannen praten met mekaar, ze klagen in de file over het vele volk en de lange rijen aan de kassa’s.
“De politiekers moeten daar iets aan doen,” zegt de gebrilde dandy, “ze zouden moeten verbieden dat die oudjes hier nog komen winkelen tijdens het weekend. Ze hebben tijd zat tijdens de week. Nu lopen ze in de weg.”
De andere glimlacht even.
Oudjes weren tijdens het weekend in de supermarkten ?
Dan ook bij de kapper, op straat, in de rue Neuve, bij de beenhouwer, in de theaterzalen en bioscopen.
Bij de pedicure en in de hondesalons.
Wat doen ze anders met hun lege tijd tijdens de week ?
Ouderen die in het weekend buitenkomen : weg ermee. Ze doen het gewoon om ons te jennen.
Waarom ze niet meteen carrement elimineren, ook tijdens de week ?
Zijn we meteen ook af van de zorg en de ondraaglijke last van de pensioenen.
Alleen nog jong en snel volk op straat.
Mijn moeder is hoogbejaard.
Ze gaat altijd winkelen op zaterdag.
“Dan zie je tenminste nog eens ander volk,” zegt ze.
Af en toe gaat ze in de week, als ze wat vergeet.
Dat gebeurt namelijk op die leeftijd.
Haar nog nooit horen zeggen dat jongelui in de week niet welkom zijn in de supermarkt.
william deraedt
hetrijkderzinnekes.blogspot.com

Welk Brussels gebouw moet tegen de vlakte?

Niemand zingt over het Zuid-station. Wel dan is er misschien wel goed nieuws; er bestaat namelijk een kans dat het Zuid-station binnenkort tegen de vlakte gaat. Dit heb ik aldus gelezen op de website www.hetlelijkstegebouw.be. Op deze site kunnen gebouwen genomineerd worden om ‘gratis’ afgebroken te worden door sloper Jan Stallaert. Je kan je persoonlijke ‘favoriet’ nog doorsturen tot 6 november.

Continue reading

Zondagochtend in Brussel

8u27 aan het Bloemenhof.
Een lauwe maar veelbelovende zon trekt een lichtstreep over het plein.
De kruidenier stalt zijn waren uit op het trottoir.
In de wasserette kuist het zwarte meisje de vloer.
Er zit één clochard op de rand van het waterbekken.
Hij fatsoeneert zijn nagels in de fontein.
Een clochard wast zich misschien niet vaak, kamt zelden zijn haar, strijkt nooit zijn kleren, en gebruikt bij hoge uitzondering gezichtscrème.
Maar fatsoeneert wél zijn nagels.
Misschien denkt hij : aan het andere is geen beginnen aan, mijn nagels zijn tenminste overzichtelijk, dat heb ik in de vingers.
Propere nagels zijn bovendien zijn vitrine.
Het is wat passanten meteen opmerken bij bedelaars.
Hij doet het niet voor zichzelf, maar voor de klandizie.
Niemand legt graag zijn snuistergeld in een vuile klauw.

Continue reading