Author: Patrick

Beurs

Brussel in Beeld – Selectie september 2020

Beurs


Légende urbaine, La Dame blanche a prit un coup de vieux


Brussels, Belgium - 20 September 2020


2020-08-29_14-34-44_ILCE-6500_DSC03466_DxO


Brussels, Belgium - 20 September 2020


Selfie


Wil je jouw foto’s ook wel eens in de reeks Brussel in Beeld op BrusselBlogt? Gebruik de hashtag #brusselinbeeld op Instagram. Via Flickr kan ook: maak een account aan en word lid van de BrusselBlogt-groep en voeg je foto’s toe aan de pool. We maken elke maand een persoonlijke selectie.
Bekijk ook de foto’s van de vorige selectie of de hele reeks Brussel in Beeld.

Black Lives Matter

Brussel in Beeld – Selectie juni 2020

Brussels, Belgium - Black Lives Matter - 7 June 2020

Devanture "vintage"

Gare Bruxelles Midi dans les années trente / Belgique

2020-06-05_21-12-06_ILCE-6500_DSC04834_DxO

De Munt

Square Lumumba - Congo 60 -  BXLACT #2 hommage artistique avec Bram Borloo, Eddy Ekete & Precy Numbi

Wil je jouw foto’s ook wel eens in de reeks Brussel in Beeld op BrusselBlogt? Gebruik de hashtag #brusselinbeeld op Instagram. Via Flickr kan ook: maak een account aan en word lid van de BrusselBlogt-groep en voeg je foto’s toe aan de pool. We maken elke maand een persoonlijke selectie.

Bekijk ook de foto’s van de vorige selectie of de hele reeks Brussel in Beeld.

Ervaringen van een gemaskerde

Ervaringen van een gemaskerde

SARS-CoV-2 is het virus dat de ziekte COVID-19 veroorzaakt. In de strijd tegen de verspreiding van het coronavirus is het dragen van een neus-mondmasker (of eventueel een dichtgeweven bandana of sjaal) sinds 4 mei vanaf de leeftijd van 12 jaar verplicht in het openbaar vervoer en in de stations.
De gemeente Etterbeek[1] verplicht maskers in belangrijke handelsstraten en aan schoolpoorten. In Sint-Pieters-Woluwe en Sint-Lambrechts-Woluwe[2] moet je een masker dragen in bepaalde straten waar de sociale afstand moeilijk te respecteren valt. In Sint-Joost-ten-Node[3] moet je een masker dragen in winkels en handelszaken.
De voornaamste maatregels tegen de verspreiding van het coronavirus zijn nog steeds afstand houden (minstens 1,5 meter) en handhygiëne (je handen regelmatig wassen met gewone, alkalische zeep). Een neus-mondmasker kan wat extra bescherming bieden op plaatsen waar het moeilijk is om afstand te houden, of waar je langdurig contact hebt met mensen. Uiteraard vermijd je deze situaties liever helemaal, maar soms kan dat niet.
Je draagt een mondmasker niet om jezelf te beschermen, maar om anderen te beschermen. Het masker houdt bij het ademen, niezen en hoesten de besmette druppels tegen die uit jouw mond of neus ontsnappen. Zo voorkom je dat je anderen besmet. Je weet immers niet altijd of je besmet bent door het coronavirus. Heel wat mensen die besmet zijn vertonen geen of nauwelijks symptomen. Meer informatie over het correct dragen en behandelen van een neus-mondmasker vind je op de speciale website van de federale overheid.

De maskers op

Afgelopen week ben ik voor het eerst met een neus-mondmasker boodschappen gaan doen en een wandelingetje gaan maken. Niet dat ik zo’n groot voorstander van een masker ben, maar onvermijdelijk zal ik het binnenkort wel eens verplicht moeten dragen, in het openbaar vervoer bijvoorbeeld. En dan ben ik tenminste voorbereid op de neveneffecten. Want “het nieuwe normaal” wordt het dragen van een masker wat mij betreft nooit, jamais, nie.

Eerste ervaringen

Het masker dat ik als eerste testte was een herbruikbaar masker met lintjes. De neus, de mond, de kin en een groot deel van de wangen zijn bedekt.

Combinatiefoto: mondmasker 1
Combinatiefoto: mondmasker met lintjes dat een groot deel van de wangen bedekt.

Als brildrager moet ik er rekening mee houden dat mijn brilglazen beslaan. Als je een masker draagt valt dat binnen bij kamertemperatuur nogal mee. Buiten, waar het op dat moment wat frisser was, vormt er zich damp op de glazen. Maar het effect is minder erg dan wanneer je ‘s winters buiten van de kou naar een warme ruimte binnen gaat. Zorg toch maar dat je een doekje bij hebt om je brillenglazen regelmatig schoon te vegen (de middeltjes die her en der worden aangeprezen gebruik ik liever niet om de ontspiegeling van mijn multifocale glazen niet aan te tasten).

Niet voor nerds?

Adem rustig door je neus. Pech voor de brildragende smartphoneverslaafden onder ons: als je met je hoofd naar beneden gebogen loopt om op je smartphone te kijken, beslaan je brillenglazen opmerkelijk sneller.
Na het pas opzetten van het masker had ik het gevoel dat ik een druipneus had. Dat gevoel gaat na een paar minuten grotendeels over. Zo’n masker is wel erg warm, zeker binnen.

Vals gevoel van veiligheid

Het valse gevoel van veiligheid waarover men zo vaak spreekt? En dat je daardoor minder geneigd bent om afstand te houden? Ik kan het niet ontkennen. Ook al ben ik goed geïnformeerd, ook bij mij treedt dit gevoel op. Je moet jezelf dwingen om afstand te houden. Daarom zal ik een neus-mondmasker alleen dragen waar het verplicht of echt zinvol is.

Elastiekjes

Een dag later testte ik een ander herbruikbaar model, dat meer op een chirurgisch wegwerpmasker lijkt.

Combinatiefoto: mondmasker 2
Combinatiefoto: mondmasker van het type ‘chirurgisch masker’ met elastiekjes boven en onder.

De elastiekjes van dit masker zitten boven en onder. Niet aan de oren, zoals je meestal ziet. Om het masker op te zetten moet je het onderste elastiekje eerst over je hoofd en hals trekken. Daardoor komt de binnenkant van het masker meer in contact met je hoofd. Ook bij het afdoen van het masker is dat een nadeel. Doe het traag en voorzichtig, zeker als je zoals ik een bril draagt. Of gebruik een model met elastiekjes aan de zijkanten.
De stof van dit masker is wat dunner. Je kunt er beter een gewone ademhaling mee aanhouden. Mijn brillenglazen besloegen minder snel, ook als ik met het hoofd gebogen op de smartphone keek. Dat kan echter ook aan de temperatuur hebben gelegen. Toen ik dit masker testte was het een paar graden warmer dan de dag ervoor.
Een masker met elastiekjes past beter aan. Maar het heeft ook een nadeel. Met mijn (korte) baard prikt en kriebelt het wat meer. Bij warm weer is dit model comfortabeler dan het vorige omdat het de wangen minder bedekt.

Filters

Beide maskers bestaan uit twee lagen stof en zijn geschikt om er een filter in te plaatsen. In het eerste model langs de zijkant, in het tweede model langs onder. Zo’n filter kan een op maat gesneden vel keukenpapier, papieren zakdoekje of koffiefilter zijn. Maar je kunt ook een filterdoek van Deltrian of Sioen gebruiken. Deze filters uit filterdoek zouden binnenkort door de federale overheid worden verspreid. Let er wel op dat je masker nog voldoende luchtdoorlaatbaar blijft als je er een filter in plaatst.

Doe ze in je wasmasjien

Een neus-mondmasker dragen is geen pretje. Zet zo’n masker alleen op als het écht nodig is. Niet thuis of op straat als er weinig volk is.
Een herbruikbaar mondmasker moet je na elk gebruik wassen. Dat kan in de wasmachine op 60°C samen met de andere was, of in een kookpot (enkele minuten onderdompelen in water van minstens 90°C). Als je het masker op een lagere temperatuur wast, kun je het ook op een hoge temperatuur strijken (let op: sommige lintjes zijn niet geschikt om te worden gestreken). Zorg dat het masker goed droog is voor je het draagt.
Als je weet dat je elke dag een masker zult moeten dragen (bijvoorbeeld om met het openbaar vervoer naar het werk te gaan), zorg je best voor meerdere herbruikbare maskers. In een gezin met meer personen kan ieder zijn eigen kleur of patroon kiezen.

De maskers af

Momenteel thuiswerk ik nog steeds, maar vanaf juni komt daar wellicht verandering in. Dan ga ik mogelijk weer elke dag met het openbaar vervoer van huis naar kantoor en terug. Op de momenten dat je geen masker draagt (omdat het niet verplicht is, of omdat je bijvoorbeeld iets wilt eten of drinken) moet je het masker afzetten en het zo bewaren dat je het nadien weer veilig kunt opzetten. Daar heb ik iets op gevonden.

Combinatiefoto: doos met deksel om een mondmasker in te bewaren
Combinatiefoto: doos met deksel om een mondmasker in te bewaren op momenten dat je het niet draagt.

Ik kocht in de supermarkt een plastic doos die precies breed en diep genoeg is voor een mondmasker. Zo’n doos is makkelijk te onderhouden en ze past in de rugzak die ik meeneem naar het werk. Bij het afzetten van mijn masker raak ik alleen de lintjes aan. Ik plaats het masker met de buitenzijde naar beneden in de doos. De lintjes hangen uit de doos. Dan plaats ik het deksel op de doos. Op die manier kan ik zonder masker even iets drinken of eten. Mijn masker blijft schoon, het kan niet besmet worden of iemand anders besmetten. Als ik klaar ben met eten of drinken, kan ik de doos openen, het masker er bij de lintjes weer uithalen en het opnieuw opzetten. De doos was ik met warm zeepwater.
Nog een laatste tip: bewaar je versgewassen mondmaskers in een afsluitbaar diepvrieszakje. Elk masker in een afzonderlijk zakje. Zo heb je steeds een schoon masker paraat als je het nodig hebt.
Wil jij jouw ervaringen met je neus-mondmasker delen? Doe het in de reacties hieronder.

"Lockdown, 07:47 am" (Brussels Midi Station)

Brussel in Beeld – Selectie maart 2020

https://flic.kr/p/2iG2uHx
http://www.instagram.com/p/B9Z3FBxnUd0
https://flic.kr/p/2iKAbtH
https://www.instagram.com/p/B-pMstygzLM/
Belgica
https://www.instagram.com/p/B-cEUrVAfRZ/
.
https://www.instagram.com/p/B-aHeDZgAi1/

Wil je jouw foto’s ook wel eens in de reeks Brussel in Beeld op BrusselBlogt? Gebruik de hashtag #brusselinbeeld op Instagram. Via Flickr kan ook: maak een account aan, word lid van de BrusselBlogt-groep en voeg je foto’s toe aan de pool. We maken elke maand een persoonlijke selectie.

Bekijk ook de foto’s van de vorige selectie of de hele reeks Brussel in Beeld.

More night trains for Belgium

Zwaai de eerste nachttrein Brussel-Wenen feestelijk uit

Maandagavond 20 januari 2020 vertrekt om 18.04 uur in het station van Brussel-Zuid voor het eerst sinds vele jaren weer een nachttrein naar Wenen. De ÖBB Nightjet van de Oostenrijkse Staatsspoorwegen verbindt tweemaal per week Brussel en Luik rechtstreeks met Wenen en Innsbruck.

More night trains for Belgium

Onder het motto “More night trains for Belgium: let’s celebrate” zal een groep enthousiaste treingebruikers deze trein maandag feestelijk uitwuiven.

De uitwuifactie is een initiatief van Gentenaar en trein-aficionado Winfried Huba in samenwerking met een aantal organisaties. Met deze actie willen de betrokkenen aandacht vragen voor een duurzame mobiliteit, waarin de uitbouw van fijnmazig, comfortabel en betaalbaar openbaar vervoer de eerste prioriteit is.

Wil jij maandag a.s. om 18.04 uur mee de eerste nachttrein Brussel-Wenen feestelijk uitzwaaien? Kom dan naar treinstation Brussel-Zuid. Het perron van vertrek is momenteel nog niet bekend.

De ÖBB Nightjet vertrekt vanuit België op maandag- en donderdagavond. In Oostenrijk kun je vertrekken op zondag- en woensdagavond. De rit duurt 14 uur en 23 minuten. Een zitplaats enkele rit heb je vanaf 29,90 euro, een ligplaats vanaf 49,90 euro. De ÖBB Nightjet rijdt niet in België in juli en augustus.

Klein Kasteeltje: “I could be you, you could be me”

Twee weken geleden was er op vrijdag een feestje voor de vrijwilligers van het Klein Kasteeltje / Petit Chateau. Deze instelling van Fedasil (het Federaal agentschap voor de opvang van asielzoekers) zorgt voor de opvang van verzoekers om internationale bescherming en coördineert ook de organisatie van de vrijwillige terugkeer naar de herkomstlanden.
Fedasil heeft heel wat opvangcentra, maar het Klein Kasteeltje is het enige aanmeldcentrum van België. Hier moeten alle mensen zich aanmelden die in België een verzoek om internationale bescherming willen indienen. Die mensen verblijven in de regel slechts enkele dagen in het aanmeldcentrum.
Vrijwilligers van allerlei slag
Als nieuwe vrijwilliger kon je deelnemen aan een korte rondleiding in het centrum. Gemiddeld komen er dagelijks zo’n 130 asielzoekers aan, maar na een (lang) weekend kan dat aantal oplopen tot 250 à 300 personen. Omdat de wachtrijen voor het aanmelden soms lang zijn, wordt voorrang gegeven aan de zwaksten: gehandicapten, zieken, ouderen, onbegeleide minderjarigen, zwangere vrouwen… Een 100-tal personeelsleden staat in voor de werking.
Bij de aanmelding gebeuren er verschillende zaken. De identiteit van de mensen wordt vastgesteld (door de Dienst Vreemdelingenzaken) en er gebeurt een controle op de veiligheidsrisico’s. Er wordt geëvalueerd of iemand recht heeft op materiële hulp en eerste opvang. In een gesprek wordt de situatie van de asielzoekers onderzocht met het oog op de toewijzing naar een aangepaste opvangstructuur. Soms moet (op basis van objectieve criteria) aan de mensen worden meegedeeld dat ze geen recht hebben op opvang (wat losstaat van hun eigenlijke aanvraag tot asiel).
De directrice van het aanmeldpunt drukte haar waardering uit voor het werk van de vrijwilligers. Het personeel van het centrum is immers bezig met de registratie en de opvang, en er zijn wel twee personen die de animatie coördineren, maar de animatie zelf, dat gebeurt door vrijwilligers van allerlei slag.
Toevallig en onbedoeld
Zelf kwam ik eerder toevallig en onbedoeld met dit vrijwilligerswerk in contact. Ik was voor mezelf op zoek naar oefenkansen Spaans en wilde in ruil graag anderen oefenkansen Nederlands bieden. Zo maakte ik kennis met het project Café Lingua van Welcome Home International waar ze een tekort hadden aan mensen met moedertaal Nederlands.
Na een korte briefing nam ik deel aan de eerste conversatietafel die toen nog niet in het Klein Kasteeltje zelf plaatsvond. Op die avond bood er zich plots een groep van een 30-tal vluchtelingen aan, samen met een coördinator van het Klein Kasteeltje. Een stuk of zeven onder hen wilden graag Nederlands leren. Die mensen waren enkele dagen tot weken in ons land en hadden zich pas bij Fedasil aangemeld, dus ze kenden nog geen woord Nederlands.
Later leerde ik dat de vluchtelingen maar enkele dagen (heel uitzonderlijk een week of langer) in het aanmeldpunt blijven, tot ze elders in een opvangcentrum terecht kunnen. De meeste mensen zie je na één ontmoeting dus niet terug. En die eerste woordjes Nederlands zijn dus meer een manier om het zelfvertrouwen wat op te krikken en te socialiseren. Een echte taalcursus is voor later.
We waren blij met de grote opkomst, maar we begrepen ook dat we dit niet aankonden. Als enige Nederlandstalige moest ik die avond quasi onvoorbereid zeven mensen van heel diverse afkomst de beginselen van het Nederlands bijbrengen. De eerste minuten was ik niet op mijn gemak. Maar dat gevoel verdween snel.
Mijn naam is…
We begonnen met onszelf voor te stellen, te zeggen hoe we heetten, waar we geboren waren. We leerden tot twaalf tellen. We leerden de namen van de dagen van de week en van de maanden van het jaar. Voor sommigen was het moeilijk omdat ze behalve hun moedertaal geen andere taal spraken. Zelfs de klanken van het Nederlands waren voor velen niet eenvoudig. Anderen spraken al drie of vier andere talen en maakten sneller vordering. Ze hielpen elkaar via de talen die ze gemeenschappelijk hadden. Ik schreef wat woorden op een blad. Het was vermoeiend. Voor hen, maar ook voor mij. Maar we lachten ook veel (ook met elkaars grappige fouten) en op het einde van de avond namen we hartelijk afscheid.
De week erop besloot de coördinator van Welcome Home International in samenspraak met de coördinator van Fedasil dat Café Lingua beter in het Klein Kasteeltje zelf kon plaatsvinden. In het lokaal van Buro Bizzi is er meer plaats en de mensen voelen er zich meer op hun gemak. Deze keer had ik me voorbereid en de basisbegrippen uitgetypt op een paar bladen papier die ik kon uitdelen. De groep mensen die Nederlands wilde leren was groter geworden. Gelukkig waren we ondertussen met drie Nederlandstaligen. Ik ontfermde me over een groepje van vier mensen uit El Salvador en Venezuela die Spaans spraken (een taal die ik leer), en vier mensen die naast Arabisch ook Engels spraken. Een vader en zijn dochter kwamen uit Jemen.
Over persoonlijke omstandigheden bleven we tijdens de gesprekjes meestal op de vlakte. Het werd wel duidelijk dat het de sterksten zijn die aan de activiteiten deelnemen, degenen die het lachen nog niet is vergaan. Ik hoorde dat sommige vluchtelingen hun kamer amper verlaten omdat ze met posttraumatische stress kampen door wat ze allemaal hebben meegemaakt. Zij hebben andere noden.
Together
Terug naar die vrijdagavond midden in december. Na de rondleiding gingen we naar de grote animatiezaal. In de aanpalende keuken hadden een aantal vluchtelingen een feestmaal voor ons klaargemaakt. Allerlei kleine, typische gerechtjes uit hun land van herkomst of uit naburige landen. El Salvador, Mexico, Cuba, Brazilië, Syrië… Trots stelden ze zichzelf en de door hen bereide gerechten voor. Wij applaudiseerden uitgebreid voor al dat lekkers.
Toen gingen we aan tafel. Ik maakte kennis met een aantal andere vrijwilligers die geen deel uitmaken van het groepje van Welcome Home International. Een aantal mensen is niet georganiseerd en doet op individuele basis vrijwilligerswerk. Onder elkaar spraken we allerlei talen: Nederlands, Frans, Engels, Spaans… Talen scheiden als je ze niet kent. Maar ze verbinden als je ze ook maar een beetje spreekt. Dat geldt voor vluchtelingen én voor vrijwilligers.

Na het dessert werden er nog cadeautjes uitgedeeld. Sleutelhangers die de kinderen voor ons hadden gemaakt. Elk met een boodschap erop. Ik koos voor “Together”. Samen. Samen sterk. Together we’re strong. En ook al lijken of zijn we heel verschillend, uiteindelijk is het zoals in het liedje dat we eerder op de avond zongen: “I could be the King of Belgium, he could be a refugee. I could be you, you could be me.”