Tekst FR: Pierre Duys, vertaling: BrusselBlogt.be
Je me souviens des premiers concerts de Aka Moon, trio déjà stupéfiant de jazz pourpre. Des pygmées jaillissaient de leurs valises, les murs vermillons, gauches, se trousmoussaient les ventricules, ivres de houbloneuses fillançailles; on voyait des ombres suinter, des John célèbres, à la page, en cage, de Patti, des Burk, des Fela, free funky african zone, vapeurs incendiaires, burlesques illusions, tapages mentaux, divagations et visions. Un écrivain attendait sa transe hebdomadaire dans une pièce contigüe, derrière la scène, une machine à écrire comme tapis volant, doigts mirages et pépiement des touches, guili-guili de matières sèches, haut les coeurs, bas les masques.
tekst FR: Pierre Duys (je me souviens de bxl), vertaling BrusselBlogt
Je me souviens de la procession du Meiboom: des types à moitié bourrés – si pas complètement – figurants des soldats moyenâgeux armés de piques et de boucliers, sponsorisés par le Crédit Communal dont le logo est un casque de chevalier bleu. le Bourgmestre paradait dans une décapotable américaine des années cinquante, couleur crème. Les génies de la communication ont du se dire que c’était trop cool.
tekst FR: Pierre Duys (je me souviens de bxl), vertaling BrusselBlogt
Je me souviens, hier soir, Mustafa nous a apporté des gâteaux: baklawa, rfisa, kalb ellouz, dattes fourrées, toute la panoplie. Cela tombait bien, parce qu’une jolie menthe bien grasse pousse sur la terrasse qui nous pend chaque matin aux narines ses parfums volatiles.
tekst FR: Pierre Duys (je me souviens de bxl), vertaling: BrusselBlogt
Je me souviendrai toujours de la place de Brouckère le jour où l’on a démonté la grande fontaine en bronze, Bruxelles fut amputée, elle clopinait bêtement sur une seule patte, cela ne s’oublie pas. Je me souviens que des ouvriers l’ont découpée, cette fontaine, au chalumeau, en deux: le sommet se trouve tout au bout, Quai aux Briques, devant “le petit chicago”. La base, je ne sais pas où elle fut transportée. C’est fou, non, de démanteler une fontaine et de la replacer ci et là, en morceaux.
Je me souviens des machines au musée du cinéma. Des tas de boutons qu’il faut presser pour tourner les roues, ajuster les petites fenêtres et allumer les loupiotes et les reliefs s’animent et des bonhommes courrent sur du papier ou du carton je ne sais plus et ce carton c’est un jardin puis des nuages et une fillette vole qu’un ange ramène sur terre et la lumière s’éteint et le monsieur appelle les gens parce que le film commence et que les portes s’ouvrent et je reconnais toujours cette odeur, cette odeur du musée du cinéma qui n’est pas celle des fleurs mais que j’aime et qui va faner parce que le musée ils le rénovent et que c’est triste une fleur qui se ferme le soir.
tekst FR: Pierre Duys (je me souviens de bxl), vertaling: BrusselBlogt
Je me souviens, au Coq, face à la Bourse, Jacques Brel y passait, paraît-il, souvent. J’étais un moutard mais je l’ai vu, c’est sûr. Trente ans plus tard, la serveuse m’affirme que c’était l’un de ces bistrots préférés, à Bruxelles. L’ambiance a changé, je suppose, même si l’aspect de la salle, ses banquettes brunes, son carrelage blanc et jaune et la vitrine mangeant un poil du trottoir sous des trétaux boisés doivent être proches, sinon identiques, à ce qu’ils furent à l’époque.
Opvallend weinig activisme op de Vlaamse feestdag in onze hoofdstad, dacht ik toen ik na twee uur wandelen door Brussel de eerste geelzwarte vlag zag wapperen. Niet dat ik een rasechte flamingant ben, maar voelde ik daar een tikkeltje teleurstelling? Vanop de trein had ik zeker een vijftal leeuwen gespot, bevestigd aan verroeste luifels van illegaal bijgebouwde verandaatjes van het soort dat je enkel ziet als je de kont van de Vlaamse huizen bespioneert door een intercitytrein te nemen. En in Brussel geen haan die kraaide om 11 juli. Alleen een verwaaide Jean Blaute die zijn accordeon de sporen gaf in het midden van de Grote Markt.
Het voorval vergat ik echter toen we in De Skieven Architek gingen lunchen: typisch Brussels eten en bediend met de beleefdheid van weleer. Dat meer dan de helft van de kaart, waaronder zuurkool, konijn met pruimen en nog enkele Belgische recepten, niet meer te verkrijgen was – we hebben het gisteren zó druk gehad, meneer, u houdt het niet voor mogelijk – was snel vergeven omdat de ober het vloeiend in beide landstalen aan de man had gebracht. Na de lunch wilden we het bouwwerk van de ‘scheve architect’ even aandoen, want er was – naast vele rechtszaken – een kunstwerk hangende!
Op aanraden van de collega’s van bxlblog.be die de schabouwelijke mededeling in het Frans eerst hadden opgemerkt.
Tsja, wat moeten we hiervan maken? Hier is zelfs geen sprake meer van vertaalfouten, dus geen Google Translate om de schuld op af te schuiven…
Eind januari heb ik in deze kolommen kritiek gespuid op het gloednieuwe tweetalige maandblad van de gemeente Etterbeek. Tweetalig? Het Nederlands van het krantje was van een abominabele kwaliteit: soms ronduit onbegrijpelijk, veelal omslachtig en incorrect, consequent onaantrekkelijk. Deze week zat het septembernummer in de bus. Is er beterschap merkbaar na zes edities?
Ja en nee. Het taalgebruik is niet meer rampzalig, maar het blijft middelmatig. Het wollige ambtelijke jargon, dat ook in de originele Franse versie zit, domineert. Burgemeester De Wolf wordt bijvoorbeeld geciteerd met een uitspraak over de noodzaak van een nieuw gemeentehuis. De zin telt maar liefst 78 woorden en zeven bijzinnen. De hoofdzin blinkt uit door vaagheid:“Het optrekken van een nieuw Gemeentehuis is uiterst relevant.”
Verder heb ik in het blad twee knoerten van dt-fouten gevonden: “een jonge vrouw die verslaaft raakt” en “zoals de Europese Commissie aanmoedigd”. De splitsing van woorden gebeurt bijzonder avontuurlijk: “informaties-tands”, “inschri-jven”,” ui-tvalt”, we-gneemt”. Soms vindt de auteur net niet het juiste woord: de sport “muurbeklimming”, de strijd tegen “verslaafdheden”, “een etappe boeken”. De invloed uit het Frans blijkt uit gallicismen als “zich interesseren aan”, “prijzende een zo groot mogelijk overleg”, “gecontrasteerde opinies”. Het wemelt van formele boekentaal: “betreffende”, “inzake”, “in weerwil van”, “pogen”, “thans”. Een geoefend eindredacteur had ook “omwille van meerdere redenen”, “dergelijk ontwerp”, “minder-valieden”, en “gedétailleerd” aangestreept .
Conclusie: er is nog werk aan de winkel voor Leven te Etterbeek. Want nu is de gelijkenis met het oude gemeentehuis niet te overzien: “Energie-opslorper, belabbard (sic) en … lelijk”.
Gisteren kreeg ik het nieuwe blad van de gemeente Etterbeek in de bus. “Leven te Etterbeek/La vie Etterbeekoise” wil de inwoners maandelijks informeren over wat er reilt en zeilt in de gemeente. De eerste editie bevat onder meer informatie over huisvesting en de inzameling van grofvuil, een in december gehouden colloquium over de tewerkstelling van gehandicapten, een overzicht van werkzaamheden en een agenda.
En dat in twee talen? Ik citeer de eerste zin van de Nederlandse versie: “Als de meest sceptische twijfelden aan het belang van het publiek opgewekt door de formule voor de verwerving via opstalrecht, werden ze vast en zeker op 10 december ll gefixeerd.” Een openingszin die kan tellen! Pas als ik de originele tekst in het Frans erbij haal, meen ik te begrijpen dat sceptici die twijfelden aan de belangstelling van het publiek voor de verwerving van opstalrecht, op 10 december ongelijk gekregen hebben.