Het persbureau Belga verleende Brussel onlangs een minder vriendelijke eretitel: Europese hoofdstad van de inbraken. Uit Urban Audit, een doorlichting van steden die de Europese Commissie elk jaar publiceert in samenwerking met het statistisch bureau Eurostat, blijkt immers dat er in 2004 in geen andere Europese hoofdstad meer inbraken waren dan in Brussel. In de Belgische hoofdstad werden in 2004 11,2 inbraken per 1.000 inwoners gerapporteerd. Dat is heel wat meer dan in Amsterdam (8,8), Tallinn (5,4), Kopenhagen (4,8), Berlijn (1,8) en Madrid (1,3). Luxemburg telt slechts 0,3 inbraken per 1.000 inwoners.
Eind januari heb ik in deze kolommen kritiek gespuid op het gloednieuwe tweetalige maandblad van de gemeente Etterbeek. Tweetalig? Het Nederlands van het krantje was van een abominabele kwaliteit: soms ronduit onbegrijpelijk, veelal omslachtig en incorrect, consequent onaantrekkelijk. Deze week zat het septembernummer in de bus. Is er beterschap merkbaar na zes edities?
Ja en nee. Het taalgebruik is niet meer rampzalig, maar het blijft middelmatig. Het wollige ambtelijke jargon, dat ook in de originele Franse versie zit, domineert. Burgemeester De Wolf wordt bijvoorbeeld geciteerd met een uitspraak over de noodzaak van een nieuw gemeentehuis. De zin telt maar liefst 78 woorden en zeven bijzinnen. De hoofdzin blinkt uit door vaagheid:“Het optrekken van een nieuw Gemeentehuis is uiterst relevant.”
Verder heb ik in het blad twee knoerten van dt-fouten gevonden: “een jonge vrouw die verslaaft raakt” en “zoals de Europese Commissie aanmoedigd”. De splitsing van woorden gebeurt bijzonder avontuurlijk: “informaties-tands”, “inschri-jven”,” ui-tvalt”, we-gneemt”. Soms vindt de auteur net niet het juiste woord: de sport “muurbeklimming”, de strijd tegen “verslaafdheden”, “een etappe boeken”. De invloed uit het Frans blijkt uit gallicismen als “zich interesseren aan”, “prijzende een zo groot mogelijk overleg”, “gecontrasteerde opinies”. Het wemelt van formele boekentaal: “betreffende”, “inzake”, “in weerwil van”, “pogen”, “thans”. Een geoefend eindredacteur had ook “omwille van meerdere redenen”, “dergelijk ontwerp”, “minder-valieden”, en “gedétailleerd” aangestreept .
Conclusie: er is nog werk aan de winkel voor Leven te Etterbeek. Want nu is de gelijkenis met het oude gemeentehuis niet te overzien: “Energie-opslorper, belabbard (sic) en … lelijk”.
Wat hebben vlierbes, kruiden, sinaas & gember en litchi gemeen? Het zijn de vier verrassende smaken waarin de biologische limonade Bionade verkrijgbaar is. Na de verovering van de Duitse markt trekt de producent uit het Beierse Ostheim de grenzen over. In Brussel wordt het drankje momenteel prominent aangeboden in hippe locaties zoals café Walvis en de foyer van het Kaaitheater.
De ontstaansgeschiedenis van Bionade leest als een eigentijds sprookje. Een brouwmeester van een slecht draaiende dorpsbrouwerij werkt in de jaren ’90 in zijn woonkamerlaboratorium aan een nieuw recept. Uiteindelijk slaagt hij erin een niet-alcoholisch drankje te ontwikkelen, dat net zoals bier ontstaat door de fermentatie van natuurlijke grondstoffen (water, mout, vruchten en kruiden). De innovatieve formule is in de regio geen instant succes, maar Bionade groeit dan uit tot een cultdrank in Hamburgse bars. Dankzij mond-tot-mondreclame volgen andere steden. De merkbekendheid en de afzet stijgen jaar na jaar. In 2007 verkocht de succesvolste nieuwkomer in de limonademarkt sinds Red Bull 200 miljoen flessen van 33 cl. Na Duitsland, Oostenrijk en Zwitserland wil het bedrijf het product nu lanceren in heel Europa en zelfs de Verenigde Staten.
Het leven is hard, maar gelukkig is er Eels. Mark Oliver Everett, alias E, en zijn muzikale compagnon Chet Lyster, bijgenaamd The Chet, gaven gisteren een ingetogen optreden in het Koninklijk Circus. Een avond die goed was voor een aantal kippenvelmomenten.
Voordat Eels het podium betrad werd het circus in een filmzaal omgetoverd. Op het programma stond een documentaire, waarin de zanger van de band in de voetsporen treedt van zijn vader, de briljante kwantumfysicus Hugh Everett. Hij zoekt vroegere collega’s van zijn vader op en verdiept zich in diens wetenschappelijke theorieën over parallelle werelden. Ten slotte luistert hij naar pas opgeduikelde geluidsbandjes van zijn vader. De kat des huizes is aan het spinnen en de eenzelvige fysicus praat erop los en drinkt te veel alcohol – naast overmatig tabaksgebruik de oorzaak van zijn vroege dood. Aangrijpend.
Een zondagnamiddag in Etterbeek. Ik fiets van het dichtstbijzijnde wassalon naar huis als een vrouw op het trottoir mij aanspreekt: “Monsieur!” Ze sleept een rolkoffer achter zich aan en draagt ettelijke plastic zakjes. Of ik haar kan helpen, vraagt ze in gebroken Frans. Ja, ik heb tijd en wil haar gerust een handje helpen. Ze reikt me haar boodschappen aan en ik stop ze weg in mijn lege Ikea-tas, waar het vuile wasgoed in heeft gezeten. Ze bedankt me voor mijn vriendelijke hulp en gaat voor. Mijn vraag of het ver is, negeert ze. Ze gaat de eerste straat rechts. Daarna volgt een stuk bergop. Ik stap achter haar aan, met de gevulde tas op de bagagedrager. Ze vraagt of het niet te zwaar is en herhaalt dat ik heel vriendelijk ben. Andere mensen die ze aangesproken had, wilden niet helpen. Als ze nog eens afslaat, weet ik niet meer waar ik juist ben. En ik moet tijdig terug zijn in het wassalon om het schone wasgoed op te pikken.
Gisteren kreeg ik het nieuwe blad van de gemeente Etterbeek in de bus. “Leven te Etterbeek/La vie Etterbeekoise” wil de inwoners maandelijks informeren over wat er reilt en zeilt in de gemeente. De eerste editie bevat onder meer informatie over huisvesting en de inzameling van grofvuil, een in december gehouden colloquium over de tewerkstelling van gehandicapten, een overzicht van werkzaamheden en een agenda.
En dat in twee talen? Ik citeer de eerste zin van de Nederlandse versie: “Als de meest sceptische twijfelden aan het belang van het publiek opgewekt door de formule voor de verwerving via opstalrecht, werden ze vast en zeker op 10 december ll gefixeerd.” Een openingszin die kan tellen! Pas als ik de originele tekst in het Frans erbij haal, meen ik te begrijpen dat sceptici die twijfelden aan de belangstelling van het publiek voor de verwerving van opstalrecht, op 10 december ongelijk gekregen hebben.