Tag: ten weyngaert

Mark groet de dingen in Vorst

Enkele maanden geleden rommelde het in GC Ten Weyngaert in Vorst. Brussel Deze Week sprak zelfs van een kleine oorlog. Buurtbewoners wilden dat waarnemend directeur Rik Fobelets zijn werk kon voortzetten en protesteerden tegen de terugkeer van de vorige directeur. De saga eindigde met de komst van Mark Rooman in januari. Het gemeenschapsblad Duden had een gesprek met de kersverse centrumverantwoordelijke van Ten Weyngaert.
Dag Mark, hoe ben je bij Ten Weyngaert terechtgekomen?
Dat is een lang verhaal. Ik behoorde tot de eerste lichting die sociale agogiek in Leuven studeerde, de wetenschap die zich bezighoudt met psychosociale veranderingsprocessen. In mijn beroepsleven heb ik vele watertjes doorzwommen. Ik heb zelfs nog een tijdje als arbeider in een fabriek gewerkt. In 1985 solliciteerde ik voor de nieuwe functie van centrumverantwoordelijke van de Vaartkapoen, het gemeenschapscentrum van Sint-Jans-Molenbeek.
Je bleef er 25 jaar. Hoe kijk je terug op die periode?
Het was een stevige uitdaging. Molenbeek was en is een multiculturele gemeente met enorme maatschappelijke problemen. Met vallen en opstaan hebben we het centrum opgebouwd. We hebben de Vk* op de kaart gezet als concertzaal, maar evengoed hebben we relevant sociaal en emancipatorisch werk geleverd, o.a. rond buitenschoolse opvang, tewerkstelling, alfabetisering en vrouwenrechten. We hebben een aanbod ontwikkeld waarin de bewoners zich terugvinden en hebben geprobeerd de tegenstellingen te overbruggen, bijvoorbeeld tussen Hoog- en Laag-Molenbeek. Ik ben trots op wat we gerealiseerd hebben.
In 2009 werd je entiteitsverantwoordelijke voor de Brusselse gemeenschapscentra.
In die functie moest ik de verandering begeleiden om de 22 onafhankelijke vzw’s onder te brengen in één entiteit. Cultuurcentrum Brussel zag het licht en de zakelijke processen werden gecentraliseerd. Ik probeerde de samenwerking tussen de centra te bevorderen en ook stimulansen gegeven om uit de gebouwen te breken en zich meer op de omgeving te richten. In augustus 2013 gaf ik mijn mandaat terug.
Enkele maanden later kon je, na de onvrede over de terugkeer van de voormalige centrumverantwoordelijke van Ten Weyngaert, aan de slag in Vorst.
Ik kende door mijn vorige baan de situatie in Vorst goed. Toen de directeur Cultuur van het VGC mij voor de functie opbelde, was ik bereid ervoor te gaan. Maar ik heb me goed voorbereid door in Egypte eerst nog een tocht door de Sinaï-woestijn te maken en er diep na te denken over mijn nieuwe verantwoordelijkheid.

Continue reading

Nieuwe wind in Vorst

De begroeting is hartelijk. En ze blijken het over heel wat punten eens te zijn. De centrumverantwoordelijke van GC Ten Weyngaert, Rik Fobelets, en Frédéric Fournes, directeur van Forest Centre Culturel (actief in Brass en de abdij van Vorst), geloven allebei in de mogelijkheden van Vorst en van Brussel. En daarbij willen ze het gesprek aangaan met alle mogelijke partners. Ze dromen van een centrum als open huis en ontmoetingsplaats. Grenzen zijn geen onoverwinnelijke obstakels.
“Niemand is perfect,” reageert Frédéric, als ik hem voorleg dat hij Fransman is. Sinds een tweetal jaar heeft hij zijn vaderland ingeruild voor België. Hij woonde ervoor in Pau, waar hij eerst vier jaar aan het hoofd stond van de cultuurdienst van de universiteit en vervolgens bijna tien jaar directeur culturele ontwikkeling van de stad en de agglomeratie Pau-Pyreneeën was. Hij heeft in die functie verlof zonder wedde genomen en is uit vrije wil naar Brussel gekomen.
“Brussel is een laboratorium voor de wereld” (Frédéric Fournes)
Waarom de stad aan de Zenne? “Ik bezoek de stad al meer dan tien jaar en heb een boontje voor het Belgische culturele en artistieke leven. Alain Platel is een van mijn persoonlijke helden. Brussel fascineert mij als laboratorium voor de wereld. Het is een kleine stad op mensenmaat en je kunt er van het goede leven genieten. De complexiteit is geen bezwaar. Het leven is nu eenmaal niet simpel. Uiteindelijk kun je hier voor alles een oplossing vinden”. Kortom: Frédéric voelt zich geen expat, maar Brusselaar, want hij beperkt zich niet tot een gesloten milieu en heeft dankzij de vrienden die hij hier heeft de verschillende hoeken van de stad leren kennen.

Continue reading