Tag: citaat

Dixit: deze herbergzame maar stuurse stad

Wie kent niet het zinneke? De straathond als symbool van een kleurrijke, kosmopolitische stad. De Brusselaars gaven die naam eertijds aan de Zenne, de rivier die door de stad stroomde en in de negentiende eeuw om hygiënische redenen overwelfd werd. En in het Brussels betekent het dus ook straathond, een mormel dat vroeger wel eens in de Zenne werd gegooid. Het beeldje van Tom Frantzen staat sinds 1999 in de Kartuizerstraat als dierlijke variant op Manneken Pis. De Zinneke Parade ging voor het eerst uit tijdens Brussel 2000, Europese Cultuurstad, en is uitgegroeid tot een tweejaarlijkse traditie. Hoe heet de schrijver en cultuurredacteur die in het onderstaande citaat verwijst naar het zinneke en Brussel vergelijkt met een glaasje half-en-half en de toren van Babel?
Statue Zinneke - Bruxelles Pentagone
© chando*, eBru

Veeltalig en onbestemd klinken de straten van de tussenruimte die Brussel heet – pandemonium en braakland, een plek zo half-en-half als het sprankelende aperitief dat nog altijd wordt geschonken door de obers van café Cirio bij de Beurs: een helft van iets en een helft van iets anders. Niets is identiek of definitief in de open werf tussen de boulevards, waar elegantie hand in hand gaat met onherbergzaamheid en de stank van urine. Zelfs het ontbreken van identiteit kan identiteit zijn. Vraag dat maar aan een straathond. Ook dat is deze herbergzame maar stuurse stad vandaag nog: binnen- en toch buitenland, een toren van Babel waarvan iedereen die wat moeite doet elke dag de meeslepende polyfonie aan den lijve kan ervaren. Het krukkige, innemende Brussel is een taalmachine.

Lees verder voor de oplossing.

Dixit: ze is parmantig, verleidelijk zelfs

Brussel is een moeilijk lief. Je kunt de stad hartstochtelijk liefhebben, maar er zijn ook momenten dat je haar verfoeit en eraan denkt haar voorgoed te verlaten, zelfs als je er al een half leven woont. Zoals een kunsthistorica en mediafiguur, die in een vurig pleidooi voor De eeuw van Brussel van Eric Min haar haat-liefderelatie met de stad beschrijft. Van wie is het onderstaande citaat?

Brussel is een vrouw. Ze ziet er soms uit als een dame en dan weer als een sloerie. Ze is parmantig, verleidelijk zelfs. Op haar allerstoutst lacht ze je in het gezicht uit, terwijl je net in haar ogen was gesmolten. Ze is muze, moeder en hoer, zij het niet altijd in die volgorde. ‘s Avonds wil je haar bezingen, ‘s ochtends vervloek je haar goedkope kasseien waar je met je hakken in blijft haperen. De ene dag steek je een Jubilate af ter hoogte van de Kleine Zavel, de volgende verwens je haar nieuwe skyline. Aan die nieuwe toren, een fallus vlakbij het Kanaal, zal en wil je nooit wennen.

Lees verder voor de oplossing.

Dixit: merendeels dusdanig naakt

Over Brussel is al veel gezegd en geschreven. Bekende en minder bekende persoonlijkheden van vroeger en nu lieten hun licht schijnen over de stad en deden verrassende, beklijvende, slimme, betwistbare, hemeltergende of gewoon grappige uitspraken over Brussel. Citaten die ook vandaag nog reacties oproepen. Dixit: de eerste ronde!
Wie o wie is de auteur van de volgende volzin?

Behalve, oppervlakkig gezien, enige schijnbare overeenkomsten met Parijs, – bij voorbeeld de straten zonder einde die iedere voetganger binnen korte tijd met ondraaglijk verdriet vervullen, of het chaotische hier ook onverdraagzame verkeer, of de triomfboog of obelisk hier en daar, of de ongelooflijke hoeveelheid standbeelden en monumenten, in Brussel merendeels dusdanig naakt dat een hand of bloem of plooi het tussenbeens gedeelte schijnheilig bedekt – is Brussel volstrekt uniek: deze door een wanproduct als het Justitiepaleis overvleugelde stad is een kitscherige, naäperige en karakterloze opeenstapeling van monstruositeiten, griezeligheden en gedrochtelijkheden zonder weerga in Europa, verzameld uit de gehele wereld, aangevoerd van alle windstreken.

Lees verder voor de oplossing.